Leerlingzorg

De voortgang in kaart brengen

Kinderen ontwikkelen zich op verschillende manieren. De resultaten die onze leerlingen behalen zijn dan ook verschillend. Wij spelen daar zo goed mogelijk op in, bijvoorbeeld door verschillende ‘leerlijnen’ aan te bieden. Dit betekent dat we de leerstof voor sommige kinderen aan hun capaciteiten aanpassen, dat kan zowel de manier van aanbieden zijn als het niveau van de leerstof.

Tijdens het uitleggen van de leerstof houden we goed in de gaten welke kinderen de stof direct oppikken en welke kinderen daar meer moeite mee hebben. In beide gevallen spelen we daarop in: kinderen die geen moeite hebben met de leerstof krijgen, als ze daaraan toe zijn, extra leerstof (verdieping of verbreding) aangeboden. Kinderen die meer moeite hebben met het begrijpen en verwerken van de stof, krijgen extra uitleg en, als dat nodig is, extra hulp. Als er extra hulp nodig is, bespreken we dat altijd met de ouders. Op deze manier blijft u als ouders op de hoogte van de vorderingen en leerroute van uw kind.

Toetsen

Voor de vakken rekenen, lezen, spelling en begrijpend lezen nemen we zeer regelmatig toetsen af die horen bij de methoden die we gebruiken. De uitkomst van een toets geeft de leerkracht inzicht in de vorderingen van het kind, zodat hij of zij daar op de juiste manier op kan inspelen.

Voor de vakken lezen, spellen, rekenen en begrijpend lezen nemen we bovendien elk halfjaar de toetsen af van het CITO-leerlingvolgsysteem. Deze toetsen horen niet bij een bepaalde methode. Hierdoor kunnen we de vorderingen van de leerlingen zo objectief mogelijk meten én de leerresultaten van onze leerlingen en groepen vergelijken met het landelijk gemiddelde. Een goede manier om na te gaan of we als school nog steeds op de goede weg zijn.

o   Groep 1 en 2

De CITO-toetsen ‘rekenen en taal voor kleuters’ nemen we af in groep 1 en 2. Deze toetsen geven inzicht in de mate waarin uw kind de lees- en taalvoorwaarden beheerst die nodig zijn om te kunnen starten in groep 3. We nemen extra toetsen af als er bijzonderheden zijn.

o   Groep 3

In groep 3 nemen we vier ‘signaleringtoetsen’ af die inzicht geven in de leesontwikkeling. Deze toetsen zijn landelijk genormeerd en geven een objectief beeld van de prestaties van onze leerlingen. Ook nemen we voor lezen de CITO toets ‘leestechniek’ af. De vorderingen in spelling meten we aan het einde van het schooljaar met de CITO toets ‘spelling‘; een landelijk genormeerd woorddictee. Bovendien nemen we in groep 3 aan het einde van het schooljaar de CITO-toets ‘begrijpend lezen’ af. Daarnaast nemen we twee keer per jaar de ‘CITO-toets rekenen’ af.

o   Groep 4, 5, 6, 7 en 8

In groep 4, 5, 6, 7 nemen we twee keer per jaar de volgend CITO-toetsen af: technisch lezen, spelling, begrijpend lezen en rekenen. Groep 8 maakt voorgaande toetsen alleen in januari. Daarnaast maken alle kinderen ook de ‘Eindtoets Basisonderwijs’ van het CITO. Deze landelijk genormeerde toets geeft inzicht in de prestaties van de individuele leerling en van de school als geheel.

In groep 7 geven wij aan de ouders net voor het einde van het schooljaar een voorlopig advies over de keuze voor het voortgezet onderwijs.

De adviesgesprekken met de ouders en de kinderen van groep 8 vinden plaats vóór het afnemen van de CITO-eindtoets. Hierdoor zijn we er zeker van dat dit advies onafhankelijk is van de CITO-eindtoets. Niet alleen de leerprestaties spelen een rol, ook andere aspecten van het kind.

 Schoolverslagen/Rapporten

Groep 1 t/m 8 krijgt twee keer per jaar een rapport mee naar huis. Dit rapport is gericht aan de ouders en verdeeld in drie gedeeltes. In het eerste gedeelte beschrijven we de vaardigheden van uw kind op het gebied van de Jenaplanpijlers gesprek werk spel en viering en sociaal-emotionele ontwikkeling. Ook ziet u hier hoe het gaat met w.o. en de creatieve vakken. In tweede gedeelte vindt u de objectief meetbare gegevens vanuit de methodes en toetsen en in het derde gedeelte staan resultaten van uw kind uit het (CITO)leerlingvolgsysteem.

Leerlingendossier

De resultaten van de CITO toetsen zetten we in ons digitaal CITO computerprogramma. Zo kunnen we in één oogopslag de vorderingen over een aantal leerjaren bekijken. Daarnaast heeft elke leerling een digitaal dossier. Hierin zijn onder andere verslagen van oudergesprekken en handelingsplannen opgeslagen. Bij vertrek naar een andere basisschool doen wij uitgebreid verslag naar de nieuwe school. Deze informatie bespreken we vanzelfsprekend ook graag met de betreffende ouder(s).

Extra ondersteuning

Als team dragen we de verantwoordelijkheid voor de ontwikkeling van de kinderen bij ons op school. Sommige kinderen hebben wat meer begeleiding en tijd nodig om de basiskennis te beheersen. Voor andere kinderen kan de basiskennis juist te weinig uitdaging bieden. Hieraan besteden we speciale aandacht.

Drie keer per jaar hebben we een leerling-bespreking met de gehele bouw. Dan nemen we de stand van zaken door en bespreken kinderen die om een of andere reden extra aandacht nodig hebben. Daarnaast bespreekt de intern begeleider twee keer per jaar de leerlingen die op de CITO toetsen minder hebben gescoord met de groepsleerkracht.

De kinderen op onze school worden door verschillende teamleden begeleid:

  • De stamgroepleerkracht

Deze is er voor de kinderen en voor de ouders. Als er vragen of problemen zijn, kunt u als ouders contact opnemen met de stamgroepleerkracht. Hij of zij overlegt zonodig met de andere leerkrachten van dezelfde bouw (tijdens het ‘bouwoverleg’) en met de intern begeleider.

  • De intern begeleider

Een intern begeleider (IB-er) is gespecialiseerd in het bijstaan van collega’s bij de begeleiding van kinderen die extra aandacht nodig hebben. De IB-er bewaakt de gemaakte afspraken, onder andere in het handelingsplan. De IB-er kan ook worden ingezet om een observatie of een onderzoek uit te voeren ten behoeve van uw kind. Als de geboden extra hulp onvoldoende resultaat heeft, kan de IB-er overleggen met een externe deskundige, bijvoorbeeld een medewerker van de onderwijsbegeleidingsdienst (Marant) of de schoolarts. Vanzelfsprekend altijd na overleg met en toestemming van de ouders.

  • De remedial teacher

De remedial teacher (RT-er) haalt kinderen even buiten de groep om samen wat extra tijd te besteden aan bepaalde (basis)vaardigheden.(RT-sessie) Soms in een één-op-één situatie, soms in een klein groepje. De RT-er werkt met een handelingsplan en een RT sessie is na 6/8 weken afgelopen. Het gaat hier om kortdurende hulp. We streven ernaar binnen de groep remedial teaching te geven, dit kan dan ook door de leerkracht gebeuren.

We kunnen extra zorg bieden in de groep en in de school. Buiten de school is hulp van een externe hulpverlener mogelijk.

Onze mogelijkheden:

  • Binnen de school zoeken naar een oplossing, met behulp van de leerkrachten wier werk hierboven beschreven staat.
  • Advies inwinnen bij een deskundige van de onderwijs begeleidingsdienst Marant.
  • Preventieve ambulante begeleiding aanvragen. Dat betekent dat de leerkracht hulp en advies van een externe deskundige krijgt, om een kind op school beter te kunnen helpen.
  • Een leerling aanmelden de Permanente Commissie Leerling-zorg (PCL).

Deze commissie kan een beschikking afgeven voor het speciaal onderwijs.

De beschikking garandeert niet dat uw kind hier ook werkelijk terecht kan. Kinderen worden niet (meer) zo snel doorverwezen – de overheid vraagt ‘gewone’ basisscholen steeds meer zelf zorg op maat te geven. Steeds vaker zoeken de ouders en het team een passende oplossing binnen de huidige school.

Het bureau Onderwijszorg ‘De Liemers’ stelt de zorgmiddelen beschikbaar en schrijft elk jaar een zorgplan. Het zorgprofiel van De Timp is hiervan afgeleid; hierin staan alle procedures voor ‘zorgkinderen’ beschreven. Dit zorgprofiel kunt u op school inzien.